Poffertjesdag

Basisrecept

Poffertjes van oma

Met gist en boekweitmeel, zoals op de kermis. Je hebt een uur geduld nodig en dat is het waard.

Poffertjes van oma
20 minuten werk, 1 uur rijzen Ongeveer 60 poffertjes

Wat heb je nodig

  • 250 g bloem
  • 100 g boekweitmeel
  • 7 g droge gist
  • 500 ml lauwe melk
  • 1 ei
  • 1 el suiker
  • Een snuf zout
  • Roomboter om in te bakken

Zo maak je ze

  1. 1

    Roer de gist en de suiker door de lauwe melk. Laat het tien minuten staan tot er belletjes op komen.

  2. 2

    Meng in een ruime kom de bloem, het boekweitmeel en het zout.

  3. 3

    Giet de gistmelk er in delen bij en klop tot een glad beslag. Roer het ei er als laatste door.

  4. 4

    Dek de kom af met een theedoek en laat het beslag een uur rijzen op een warme plek.

  5. 5

    Roer daarna niet meer, anders sla je alle lucht eruit. Schep voorzichtig.

  6. 6

    Verhit de pan, boter de kuiltjes in en vul ze voor driekwart.

  7. 7

    Draai om zodra de randjes droog zijn en bak de andere kant kort mee.

tip van de bakker

Het boekweitmeel geeft die nootachtige kermissmaak. Heb je het niet, gebruik dan alleen bloem, maar het scheelt echt.

Bakken op de Poffertjesdag

  • Verhit de pan rustig. Te heet en de buitenkant is klaar terwijl het hart nog nat is.
  • Boter de kuiltjes in met een kwastje en een klontje roomboter, niet met olie. Dat proef je.
  • Vul de kuiltjes voor driekwart, ze komen nog omhoog.
  • Draaien doe je zodra de randjes droog zijn, met een vork of een satéprikker.
  • Houd gebakken poffertjes warm onder een schone theedoek, niet in de oven.